8 min read

Dit leerde ik over het gebruik van AI in de journalistiek op SXSW

"Iedereen maakt zich zorgen en is in een zekere staat van paniek."
Dit leerde ik over het gebruik van AI in de journalistiek op SXSW

Deze nieuwsbrief schrijf ik vanuit New York waar ik een poging doe om alles wat ik heb gehoord en gezien op SXSW afgelopen week een plek te geven. Mocht je niet weten wat SXSW nu precies is, wat ik me heel goed kan voorstellen, dus ik heb woensdag een poging gedaan om het uit te leggen in mijn nieuwsbrief voor betalende leden. Deze uitleg/intro kan iedereen lezen.

Het ene jaar is er een heel duidelijke lijn/trend zichtbaar die de media-industrie aangaat, het andere jaar niet. Dit jaar was er geen groot verhaal dat direct de media-industrie raakt en dat ik met je kan delen. Wat misschien nog wel het meest opviel is hoe groot de track over de 'Creator Economy' is. Van video tot podcast tot nieuwsbrief. De beweging, de vernieuwing, de groei en de kansen zitten duidelijk bij zelfstandige makers, die veel beter zijn in een trouw publiek aan zich binden dan traditionele media. Ik denk dat het belangrijk is om hiervan te leren en ook te kijken waar er samenwerkingsmogelijkheden zijn.

Los daarvan viel me ook op hoe het fenomeen van de eenzaamheidsepidemie in allerlei sessies ter sprake kwam. Dit is een serieus probleem, in het bijzonder onder jonge mannen. NYU-professor Scott Galloway ging zo ver dat hij de herverkiezing van Trump hieraan wijdt.

In deze nieuwsbrief wil ik het echter over iets heel anders hebben, namelijk de staat van AI in de journalistiek.


AI in de journalistiek: Het gaat te veel over licentiedeals en te weinig over hoe je je publiek beter kunt bedienen

Twee jaar geleden was tijdens SXSW ChatGPT net een paar maanden beschikbaar. Het was het begin van de AI-hype, maar ook nog een moment van teleurstelling. Er was iets nieuws, dat veelbelovend was en voelde als iets dat veel zou veranderen, maar tegelijkertijd ook nog een beetje teleurstelde. Op SXSW ging het toen echter vooral over de potentie die het had.

Als het ging om het gebruik van kunstmatige intelligentie binnen de journalistiek dan ging het vooral over het transcriberen van tekst en de inzet van taalmodellen om bijvoorbeeld kopsuggesties te doen. Logische toepassingen, maar ook weinig spannends. Lees vooral terug wat ik er toen over schreef in mijn nieuwsbrief.

Vorig jaar was de AI-hype inmiddels compleet. Alle techbedrijven, behalve Apple op dat moment nog, zetten er toen vol op in en iedereen had een jaar de tijd gehad om een jaar te experimenteren en proberen wat ermee kon. GPT4 kwam aan het einde van die editie van SXSW beschikbaar. Opvallend was dat er uiteindelijk op AI-gebied niet heel veel spannends was gebeurd binnen de media-industrie, zoals je ook terug kunt lezen in de nieuwsbrief die ik toen achteraf schreef.

En dit jaar dan, ruim twee jaar nadat OpenAI ChatGPT introduceerde? Nu blijken nieuwsorganisaties nog steeds vooral bezig met het laaghangende fruit als het gaat om AI. De populairste toepassing lijkt het transcriberen van interviews. Dat is een rotwerk voor journalisten en je geeft, door het te automatiseren, geen enkele controle uit handen, waardoor journalisten deze toepassing met liefde omarmen. Laat dat nou net één van de toepassingen zijn waar het twee jaar geleden ook over ging.

Persbureau AP heeft een verzameling tooltjes gebundeld onder de naam 'AP Editorial Assistant'. Hiermee kunnen journalisten vertalen, (SEO)-kopsuggesties krijgen en samenvattingen maken in honderd woorden of bullets. Het systeem staat compleet los van het CMS en volgens Aimee Rinehart, Senior Product Manager AI Strategy bij het persbureau, is dat een heel bewuste keuze. Het idee is een klein drempeltje op te werpen om generatieve AI in te zetten, zodat journalisten zich het er niet te makkelijk van afmaken.

In mijn ogen een compleet idiote gedachte. Het hele probleem aan het werk op redacties is anno 2025 de vele systemen waarin redacteurs werken en de vele handelingen die nodig zijn om iets te publiceren (inclusief het invullen van allerlei velden met metadata). Dit kost niet alleen tijd, maar vooral heel veel mentale capaciteit. Geïntegreerde systemen, waarin je met behulp van kunstmatige intelligentie simpele taken kan automatiseren maken tijd en vooral mentale capaciteit vrij. Laat journalisten niet naar een ander systeem gaan voor een SEO-kop en samenvatting, maar maak het zo makkelijk mogelijk dat soort corveewerk te doen.

Dat er de afgelopen twee jaar nog maar weinig stappen zijn gemaakt op AI-gebied binnen de journalistiek had ik overigens wel verwacht. Toen The New York Times drie weken geleden aankondigde om generatieve AI te integreren op de redactie, was dat groot nieuws in de journalistieke wereld. Nu is alles wat The New York Times doet natuurlijk groot nieuws, maar uiteindelijk is het allemaal niet zo spannend. De krant is simpelweg terughoudend geweest. Aan de ene kant omdat voorzichtigheid geboden is bij het gebruik van kunstmatige intelligentie en aan de andere kant omdat The New York Times vooral druk is om het gebruik van hun content als trainingsdata aan te pakken.

Mike Hofman, de hoofdredacteur van Inc. vatte het in een panel treffend samen:

Het gaat in de uitgeefwereld heel veel over de licentiedeals met AI-bedrijven. Het zou meer moeten gaan over wat je kunt doen met AI.

En als je kijkt naar wat er dan mee gebeurt, dan kom je weer terug op dat laaghangende fruit. Dat is precies wat The New York Times nu ook gaat doen.

Nu zet de krant het ook in voor onderzoeksjournalistiek. Zo werd achterhaald welke woorden er verdwenen van overheidswebsites na de start van Trumps tweede termijn als president van de VS. Journalisten van The New York Times sloegen 5000 pagina's van overheidswebsites op voor en na de inauguratie en lieten een taalmodel de verschillen analyseren. In het Engels, maar ook in bijvoorbeeld Spaans. Dat leverde vervolgens dit verhaal op.

Op dit moment werkt de krant aan een soort slimme spreadsheet, die uit zichzelf extra informatie ophaalt, bijvoorbeeld bij een lijst personen. Vervolgens kun je die informatie gebruiken om filters aan te brengen in die spreadsheet en het resultaat verder te gaan onderzoeken.

Er gebeuren dus echt wel interessante dingen, maar je ziet dat er vooral nog wordt geëxperimenteerd met hulp bij simpele redactionele taken en inzet bij onderzoeksjournalistiek. Er gebeurt veel te weinig met de mogelijkheden om het publiek beter te bedienen, door te personaliseren.

Jessica Giles, tot een half jaar geleden hoofdredacteur van Cosmopolitan, riep in een panel op om de technologie meer in te zetten om te personaliseren. De media zijn niet bezig met het creëren van een betere gebruikservaring, niet bezig om betere producten en diensten aan te bieden afgestemd op specifieke mensen van het publiek.

Dat komt mede door hoe innovatie rondom AI is ingericht. Er wordt veelal gewerkt met kleine teams die de verbinding zoeken met de redactie om tools voor hen te ontwikkelen. Alles lijkt, niet geheel onlogisch, ingesteld op het creëren van draagvlak en journalisten meenemen in het innovatieproces. Nu ben ik daar absoluut voorstander van, dit is essentieel bij vernieuwing, helemaal in een continu veranderende wereld. Tegelijkertijd denk ik dat er ook een groep mensen moet zijn die verder durft te kijken. Je hebt een team nodig dat innoveert met en voor de redactie, maar ook een team dat bezig is met vernieuwing richting het publiek. Ook daar moet je de redactie in meenemen, maar je moet vooral onderzoeken en overtuigen hoe je het publiek beter kunt bedienen.

De vraag is of nieuwsorganisaties daar op dit moment toe in staat zijn. Iedereen maakt zich zorgen en is in een zekere staat van paniek. Aimee Rinehart van AP vatte namelijk kort samen wat zij merkt dat er op dit moment aan de hand is in de media-industrie:

Iedereen maakt zich zorgen en is in een zekere staat van paniek.

De praktijk leert dat dat niet het beste vertrekpunt is om grote stappen te maken, terwijl die volgens mij wel nodig zijn. En daarom weet ik nu al dat ik volgend jaar op SXSW opnieuw ga horen over interne tooltjes om SEO-koppen te maken en om onderzoeksjournalisten te helpen. Ik krijg echter graag ongelijk...



Kort

  • Het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek start weer met een nieuwe editie van de Accelerator. Het is dé manier om een half jaar lang aan een innovatievraagstuk te werken en je verder te ontwikkelen. Zowel voor startups als voor teams binnen een media-organisatie. Je wordt begeleid in het hele innovatieproces en er is geld beschikbaar om te innoveren. Onder meer de Open Redactie van de Volkskrant is binnen dit traject ontwikkeld en ook organisaties als Opt Out Advertising en Follow The Money deden in het verleden mee. Meer informatie en aanmelden kan hier.
  • Frederieke Leeflang vertrok na een mediastorm over een onveilige werkcultuur binnen de NPO waarvan zij de oorzaak zou zijn. Uit onderzoek van Follow The Money blijkt echter dat er eigenlijk geen hard bewijs voor is.
  • Abonnees van NRC, behalve die mee het goedkoopste online abonnement, krijgen een jaar lang gratis toegang tot The New York Times. Eerder deed de Vlaamse krant De Standaard hetzelfde al.
  • A Media Operator schreef een interessant stuk over hoe The Boston Globe heeft geëxperimenteerd met manieren om het aantal abonnees te laten groeien. Leuk detail: het heeft niet het aantal gratis artikelen dat je mag lezen verlaagd, maar de periode waarin je ze mag lezen verlengd van 30 naar 45 dagen. Het bleek een effectieve manier om meer abonnees binnen te halen.
  • OpenAI waarschuwt de Amerikaanse overheid dat de innovatie op het gebied van kunstmatige intelligentie tot stilstand komt als AI-bedrijven niet vrijelijk hun modellen mogen blijven trainen op auteursrechtelijk materiaal.
  • De Spaanse overheid heeft ingestemd met een wet die bedrijven verplicht om expliciet melding te maken van het gebruik van materiaal dat is gegenereerd door kunstmatige intelligentie. Overtreding van de wet kan leiden tot miljoenenboetes. De wet moet nog wel worden goedgekeurd door het Spaanse lagerhuis.
  • Google biedt gebruikers de mogelijkheid om chatbot Gemini te personaliseren op basis van je zoekgeschiedenis en foto's. Je moet daar wel eerst expliciet toestemming voor geven.
  • Snapchat krijgt drie Lenzen (filters) die gebruik maken van een zelfontwikkeld AI-model om realistische elementen toe te voegen aan het camerabeeld. Het resultaat lijkt een stuk 'echter' dan de Lenzen zoals we die kenden.
  • Meta is in de VS gestart met het testen van Community Notes op Facebook, Instagram en Threads. Gebruikers kunnen extra context toevoegen aan een bericht en als voldoende andere gebruikers die notities goedkeuren wordt deze voortaan getoond bij het bericht. Meta ziet het als vervanging voor factchecking, maar behandelt de notities anders dan factchecks. Zo worden berichten die zijn voorzien van een notitie niet beperkt qua bereik/verspreiding.