“Zo, dan gaan we nu even de journalistiek redden”

“Zo, dan gaan we nu even de journalistiek redden”

Ooit zaten ze daar, aan de donkerbruine houten tafeltjes, op de donkerbruine houten stoelen. In een tijd dat niemand geloofde dat kranten zich ooit zorgen zouden moeten gaan maken over hun toekomst. De krant was hét journalistieke medium, de boodschapper van het nieuws, elke ochtend of elke middag.

Café Scheltema, een journalistenkroeg van weleer. Gisteren was het het toneel van een invasie van journalistieke broekies.

Occupy Scheltema hadden ze het voor de grap genoemd. Het idee is simpel: bier en jonge journalisten. Gewoon lullen over wat er dan ook op tafel komt. Het woord verdienmodel viel geen enkele keer, merkte ik op. En da’s opvallend, want al die andere keren dat ik grote groepen journalisten bij elkaar zag ging het voor mijn gevoel allang niet meer over het vak, maar vooral over de teloorgang ervan door het gebrek aan geld.

De jonge journalisten die gisteren in Scheltema waren, maken zich natuurlijk ook wel eens zorgen over de toekomst van de journalistiek. Desondanks remt het hun enthousiasme niet. Het zijn de journalisten die keihard werken om mooie dingen te maken. Zo mooi dat The Guardian er op zijn site aandacht aan besteedt. Journalisten die mooie dingen maken voor de lol, en als vakantie de verhalen achter de ananas verzamelen. Het zijn journalisten die stuk voor stuk geloven in internet en de toekomst die dat biedt. Om één simpele reden: hun leven is het internet.

En toch hoorde ik regelmatig kritiek. Niet op dat er geen geld te verdienen was, maar op de organisaties waar ze werkten. Op hoe je enthousiasme, dat niet stoppen lijkt, toch kan worden geremd. Door de discussie over verdienmodellen. Door mensen die ondanks alles nog teveel vast blijven klampen aan het ineenstortende medialandschap van vroeger. En dat is zonde, doodzonde.

Het enthousiasme dat ik gisteren bij elkaar zag in Scheltema is namelijk genoeg om de journalistiek te redden. Het werd voor de grap een paar keer geroepen: “Zo, dan gaan we nu even de journalistiek redden.” Ik denk eerlijk gezegd dat het kan. Om de simpele reden dat ze allemaal snappen hoe internet werkt en hoe je daar verhaal vertelt, omdat geld voor hen geen rol speelt als ze hun huur of hypotheek maar kunnen betalen, maar vooral omdat ze nog geloven in de toekomst van de journalistiek.

Ik ben 29 jaar en ik woon in Utrecht. Ik werk bij de OK GO als Chief Content voor onder meer Numrush, ik maak elke werkdag van 10:00u tot 12:00 uur een radioprogramma op Glow FM en ik ben de man achter Vrijdag Burgerdag.

0 Reacties

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*